Transitievergoeding voor succesvol herplaatste werknemer

donderdag 19 oktober 2017

Inleiding
Als gevolg van een reorganisatie wordt een werknemer boventallig verklaard. Werkgever herplaatst werknemer in een baan buiten het bedrijf. Heeft werknemer dan nog recht op een transitievergoeding? Jazeker, oordeelde het hof Arnhem-Leeuwarden. Want werkgever zegde de arbeidsovereenkomst op. Op grond van artikel 7:673 lid 1 Burgerlijk Wetboek (BW) heeft werknemer daarom recht op een transitievergoeding.

De feiten
Werknemer was in dienst als uitvoerder bij Imtech Traffic en Infra B.V. of een daaraan verbonden bedrijf. In april 2016 veranderde de naam van dit bedrijf in Dynniq. In de loop van 2016 reorganiseerde Dinniq en stootte de railactiviteiten af.

De arbeidsplaats van werknemer verviel door de reorganisatie, net als die van veertig andere werknemers. Voor hen werd een Sociaal Plan opgesteld.

Werknemer kreeg een andere baan aangeboden bij Dura Vermeer. Achtergrond hiervan was, dat Dynniq en Dura Vermeer overeenkwamen dat Dura Vermeer lopende railprojecten van Dynniq zou overnemen en afmaken. Werknemer accepteerde dat aanbod. Op 1 augustus 2016 trad werknemer voor onbepaalde tijd in dienst bij Dura Vermeer.

Dinniq maakte een eindafrekening voor werknemer maar gaf hem geen transitievergoeding. Het standpunt van Dinniq was, dat de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden eindigde. Aan het vereiste van artikel 7:673 lid 1 BW dat de arbeidsovereenkomst eindigde op initiatief van werkgever was daarom niet voldaan, vond Dinniq. Werknemer was het daar niet mee eens en begon een procedure bij de kantonrechter.

Bij de kantonrechter stelde werknemer primair dat er sprake was van verval van zijn arbeidsplaats, en dat hij daarom viel onder het Sociaal Plan. Subsidiair stelde hij dat de arbeidsovereenkomst op initiatief van werkgever eindigde en dat hij daarom recht had op een transitievergoeding van € 21.822,93 bruto. De kantonrechter wees de transitievergoeding toe op grond van het Sociaal Plan. Dinniq ging hiertegen in beroep.

Oordeel hof
Het hof Arnhem-Leeuwarden verwierp de stelling van Dinniq dat de arbeidsovereenkomst met werknemer eindigde met wederzijds goedvinden. Op grond van artikel 7:670b lid 1 BW moet dat schriftelijk gebeuren. Het hof constateerde dat aan dat vereiste niet werd voldaan.

Het hof ging mee in de stelling van werknemer dat op initiatief van Dinniq de arbeidsovereenkomst eindigde en dat werknemer zich daarbij had neergelegd. Daarbij wees het hof op de volgende omstandigheden:

  • Dinniq verklaarde werknemer boventallig;
  • Dinniq stootte werkzaamheden van werknemer af;
  • Dinniq herplaatste de werknemer niet intern;
  • Dinniq stimuleerde dat werknemer elders aan het werk ging;
  • Dinniq maakte de eindafrekening op.

Alles bij elkaar staat het bovengenoemde volgens het hof gelijk aan opzegging van de arbeidsovereenkomst. In elk geval op grond van artikel 7:673 lid 1 BW heeft werknemer recht op de transitievergoeding, oordeelde het hof.

Tenslotte
Bent u werkgever of werknemer en heeft u vragen over de transitievergoeding? Neem dan nu contact op voor een gratis adviesgesprek en bel 06-338 24 563. Of stuur een e-mail aan info@groenenboomadvocaat.nl. Wij helpen u graag!

Deel dit bericht via